alt
 

ZOMER editie

  • Voorwoord
  • Ochtenddienst: 07.00-11.00 uur
  • Dagdienst: 11.00-15.00 uur
  • Witte dâ
  • Thuiswaken; een voorbeeld van een nachtwake
  • Attent
  • Gedicht
 

Nieuws en achtergronden van Thuiswaken en Hospice Wijchen

Redactie: redactie @ hospicewijchen.nl

   

Voorwoord 

Heeft u het zich wel eens afgevraagd? Hoe verloopt een dag in een Hospice of een nacht bij iemand thuis waken? Het is niet iets waar iemand graag aan denkt. Maar het is misschien wel iets dat ooit dichtbij komt, omdat we allemaal ooit te maken krijgen met het overlijden van een dierbare. Wij merken dat mensen die ons hospice van binnen niet kennen, of niet weten hoe een wake thuis gaat, regelmatig denken dat het eng, somber en altijd verdrietig is. Ik kan u vertellen dat dat zeker niet zo is. Wij maken wel nare en verdrietige dingen mee, maar zeker ook hele vrolijke, mooie en hartverwarmende momenten.
 
In deze editie van de Vier Jaargetijden nemen we u daarom een beetje mee en geven we u een blik achter de schermen. Niet echt natuurlijk, maar onze redacteuren schetsen met fictieve personen een beeld voor u van een ochtend en vroege middag in het hospice en een nacht bij een cliënt thuis. In de volgende editie volgen de namiddag en de avond. Misschien herkent u het beeld omdat u het zelf meegemaakt heeft als nabestaande, bezoeker of vrijwilliger. Het kan helpen om een beeld te vormen. En wellicht bedenkt u zelfs dat het mooie werk dat onze vrijwilligers doen ook wel iets voor u kan zijn. Of voor iemand die u kent. We horen het graag als u een reactie heeft.

Het afgelopen voorjaar bracht ook nieuw leven bij het hospice van een prachtig vogelpaar dat een nestje bouwde in een van onze vogelhuizen. Gasten, bezoekers en vrijwilligers hebben er van genoten. We wensen deze kleine vogeltjes een mooie zomer en een mooi leven toe. Zo ook aan u allen. Geniet van de zomer en wat de dagen brengen mogen.   

Tjitske Huender
Directeur



 

Ochtenddienst: 07.00-11.00 uur

Na een korte frisse fietstocht sta ik om 6.45 uur voor de deur van het nog donkere, stille hospice. De lichten in de gang zijn nog uit, Ik ben de eerste van de 2 vrijwilligers die de nachtdienst komt aflossen. 
Na het openen van de deur door de ZZG-nacht-verpleegkundige begroetten we elkaar en lopen we naar de vrijwilligersruimte, de lampen in de gang gaan aan. In de vrijwilligersruimte ligt een breiwerk op de hoek van de tafel, het is een rustige nacht geweest. Nadat mijn collega E is gearriveerd krijgen we een kopje thee en starten we met de overdracht. 

Mevrouw V in kamer 1 heeft de hele nacht geslapen. Zij lag al in bed toen de ZZG-nacht-verpleegkundige binnenkwam. Ze heeft haar niet wakker gezien. 
In kamer 2 ligt mevrouw K. Zij was vroeg in de ochtend wakker en is nu opnieuw in slaap gevallen. We laten haar lekker slapen. In kamer 3 ligt mevrouw T. Haar man is vannacht blijven slapen. In de nacht is ze een paar keer wakker geweest, voor een toiletbezoek, maar sliep daarna weer rustig verder. 
In kamer 4 ligt mijnheer W. Mijnheer is stervende en 2 van zijn dochters hebben vannacht bij hem gewaakt. De situatie is onveranderd en verwacht wordt dat het langzaam minder zal worden. 

Na de overdracht, vertrekt de ZZG-nacht-verpleegkundige en wensen we haar welterusten. Onze dienst begint. 
Tijdens onze thee lezen we de zorgmappen van de gasten, zodat we kunnen zien hoe het de diensten ervoor is gegaan. Op deze manier krijgen we, naast wat de nachtdienst ons vertelde, een beter beeld van de situatie. Op deze manier wordt ook voor ons duidelijk wat we voor verschillende gasten moeten bijhouden, voor de ene de urineproductie, bij de ander staat de instructie dat ze met een draaischijf en 2 personen uit bed gehaald moet worden. 

Hierna pakken we de lijst waarop de 4 diensten staan en zien dat het de dag is waarop de levensmiddelen in de koelkast gecontroleerd moeten worden. Ook moet de magnetron schoongemaakt worden. Er is een ochtendkrant voor 1 van de gasten die wordt door collega E even gehaald. Dit zijn mooi de taken die we kunnen doen voordat de gasten wakker worden. Collega E controleert de koelkast en ik maak de magnetron schoon. Ik vul de afwasmachine, we schuiven de overgordijnen open en de TV gaat aan op de radiozender 100% NL, zachtjes maar toch net aan. 
Zo werken we de lijst af, naar elkaar toe. 



Omdat het in alle kamers nog stil is lopen we eerst even naar het washok. Daar hangen de lakens al droog aan het wasrek, klaar om gestreken te worden. De lakens zijn regelmatig een discussiepunt, mogen ze wel in de droger of niet. Besloten is niet, dus hangen ze in de warme machinekamer en bij mooi weer lekker buiten. De wasmachines zijn klaar, 2 schone draaien kunnen in de drogers.

Daar gaat de bel, 8.30 uur. E doet open, de ZZG-verpleegkundige is er, samen met een stagiaire. Terwijl zij opstarten haal ik thee voor ze en overleggen we hoe de ochtend ingevuld gaat worden. Allereerst verzorgen de verpleegkundigen de medicijn-rondes. Sommige gasten moeten eerst bepaalde medicatie hebben voordat ze uit bed gaan, of voordat ze kunnen gaan ontbijten. 

Daarna spreken we af dat collega E samen met de verpleegkundige naar mevrouw V in kamer 1 gaat, en ik samen met de ZZG-stagiaire naar mevrouw T in kamer 3. 
Op onze vraag aan mevrouw T of ze gewassen wil worden of onder de douche wil kiest ze, met een glimlach, voor douchen. Dat is zo fijn, het warme water langs haar lichaam. En dan kunnen ook de haren gewassen worden. “Ach”, zegt ze, met een lachje, “dat is net iets wat Jan (haar man) niet zo goed kan”. Het is een onderneming voor mevrouw, maar ze heeft het er voor over. 
Haar man gaat even naar de huiskamer, drinkt daar rustig een kopje koffie en leest de krant. 

Samen met de ZZG-stagiaire halen we mevrouw uit bed, en met behulp van de draaischijf kan ze zonder veel ongemak op de postoel plaatsnemen. Zo rijden we haar naar de afgesloten doucheruimte om haar in alle privacy te douchen. Terwijl de ZZG-stagiaire mevrouw doucht, verschoon ik het bed, ruim het nachtkastje een beetje op en doe de gordijnen open. Het zonnetje komt al naar binnen. 



Terwijl mevrouw T wordt afgedroogd en ik even niet verder hoef te ondersteunen gooi ik het beddengoed van mevrouw T in de wasmachine en loop ik richting kamer 4. 
Naast de deur staan 2 pilaren, op iedere pilaar een brandende (elektrische-)kaars. Hieraan kan iedereen die in het hospice komt zien dat op die kamer iemand stervende is, of misschien net is overleden. 



Nadat ik op de deur heb geklopt en zachtjes binnenloop, zie ik de dochters om het bed zitten, de een houdt de hand van haar vader vast, de ander zit met haar ogen dicht in de stoel naast het bed. De gordijnen zijn half open. Het is stil op de kamer, het enige geluid is de ademhaling van mijnheer. Stokkend en onregelmatig, even is het stil en dan met een diepe zucht komt het weer op gang. 

Terwijl de andere dochter wakker wordt, praten we zachtjes over hoe de nacht gegaan is. De beide dochters geven aan dat ze zien dat het langzaam meer achteruit gaat, zien het aan zijn gezicht en horen het aan de ademhaling. Ze hebben er vrede mee, maar zijn, logisch, ook verdrietig. Ze bespreken dat ze om beurten naar huis gaan, en voor de dochter die achterblijft maak ik een ontbijtje en terwijl zij dat even rustig in de huiskamer opeet, blijf ik bij mijnheer W. 

Ik zit naast hem, en kijk naar zijn gezicht. Het is een rustig beeld, met de ademhaling als enig teken van leven. Op zijn plankje staat een foto, van hoe hij was. Een stevige, trotse man, fiere houding, grote lach met een zongebruind gezicht. Het stevige is al een tijdje verdwenen, maar dat  trotse zie ik toch nog wel in hem terug. 
De dochter is klaar met het ontbijt en komt terug de kamer in, ik ruil weer met haar en druk haar op haar hart te bellen als ze iets nodig heeft. Ze knikt, een dankbare grimas. 
In kamer 3 zit mevrouw T lekker in de sta-op-stoel, moe maar tevreden, en ze is toe aan haar ontbijtje. Haar man is even naar huis gegaan en komt vanmiddag weer terug. Ze wil graag een kopje gewone thee, met 2 bruine boterhammen, zonder korstjes, één met jam en één met appelstroop, in kleine stukjes gesneden. 

In de keuken kom ik collega E tegen, die het ontbijt voor mevrouw V aan het verzorgen is. Tijdens het maken van het ontbijt nemen we de lopende zaken door, wat moet er nog en wat kunnen we overdragen aan onze vervangers om 11.00 uur. 
Mevrouw K is net wakker. Zij krijgt van ons vast een kopje thee en zal door onze vervangers verder geholpen worden.
Intussen is het 10.35 en wordt het tijd dat wij de zorgmappen gaan bijwerken. Dit is belangrijk, zodat onze collega’s na ons weten hoe het met de gasten gaat. Zijn er bijzonderheden, krijgen ze bezoek, is er een bijzondere verandering, verslechtering, heeft mijnheer of mevrouw speciale wensen voor het eten, alles noteren we zodat het voor de andere diensten duidelijk is. Dit voorkomt dat de gast het nog een keer moet herhalen, of er frustratie ontstaat omdat het vergeten is door te geven. 

Om 10.45 uurgaat de bel, de eerste vervanging is gearriveerd. De 2e komt via de ”artiesteningang”, de deur gaat open en we voelen de warme lucht van buiten naar binnen komen. Coördinator Jessica komt aan de tafel zitten, en terwijl iedereen iets te drinken heeft starten we de overdracht. 

Om 11.00 uur zit de dienst erop. 
Terwijl ik de vrijwilligersruimte uitloop kijk ik naar rechts. De vlam van de kaars flikkert, en ik hoor een snik en als ik richting de buitendeur loop denk ik…..
koester de dag….morgen is alles anders….. 

Margareth
 

Dagdienst: 11.00-15.00 uur


Het is kwart voor elf. Ik kijk thuis nooit op het rooster met wie ik werk en plan mijzelf nooit speciaal met bepaalde collega’s wel of niet in, dus het is altijd weer een verrassing wie de deur opent als ik kom. Mijn collega’s zijn druk geweest deze ochtend, hoor ik meteen als ik vraag hoe het gaat vandaag. Ik voel aan dat het fijn is als ik dit keer zélf even voor de koffie en thee bij de overdracht zorg, dus vraag ik mijn collega’s wat zij willen en geef ik hen de ruimte om in alle rust de laatste dingen van hun dienst af te kunnen ronden. De collega met wie ik zal samenwerken is er dan ook en we sluiten de deur van de vrijwilligersruimte voor de overdracht. De coördinatrice sluit nog snel aan. 

We horen aan hoe het met iedere gast gaat en wat belangrijk is om in onze dienst te weten of te doen. Twee van de drie gasten zijn nog niet klaar met hun verzorging en één gast zal zo een verlaat ontbijtje lusten. 



Verder is er vandaag na de verzorging en het verwisselen van het beddengoed waarschijnlijk behoorlijk wat was te doen. De coördinatrice gaat zo weg voor een intake voor een thuiswake. Zij hoopt op tijd terug te zijn, maar geeft toch aan ons door dat er rond half twaalf een dochter en schoonzoon van een gast komen, die kortgeleden is overleden. Zij komen om nog wat laatste spullen op te halen en willen graag vast een collectebus meenemen. Wij kennen deze mensen intussen goed en weten dat zij het fijn zullen vinden als wij de tijd hebben om samen even te gaan zitten. We zullen proberen voor die tijd klaar te zijn met de verzorging van onze gasten en hierop maken wij een taakverdeling. 

Mijn collega helpt de gast van kamer 2 om zich zelf te wassen en zorgt voor het ontbijt. Ik help de verpleegkundige van de ZZG met de verzorging van onze gast van kamer 4.

Hij lijkt nu echt aan zijn laatste stukje van het leven te beginnen. Het is belangrijk dat hij zich zo comfortabel mogelijk voelt, en de voorzichtige verzorging die wij zullen bieden zal daar op gericht zijn. Ik voel toch altijd wel even dat mijn hart iets anders gaat kloppen als ik deel mag uit maken van dit soort momenten. Natuurlijk is het minstens net zo belangrijk dat we direct naar een schone handdoek kunnen grijpen als dat nodig is, en doen wij allerlei taken die erop gericht zijn een prettige, warme sfeer in huis te brengen voor iedereen. Toch vind ik het persoonlijk contact ook erg bijzonder om te mogen beleven. Ook in een situatie zoals deze, waarin de gast nog nauwelijks kan communiceren en er weinig mogelijk lijkt, vind ik het enorm waardevol om met aandacht en respect te kijken en luisteren naar wat fijn of nodig is. En daar mijn best voor te doen, zonder mij te verliezen in wat ik vind of dénk dat nodig is. Want ieder heeft zijn eigen behoeften en belevingen, vanuit het leven dat hij leeft. Deze gast is gewend door te zetten en niet te klagen, zoals ik veel bij ouderen zie. Soms is het moeilijk om die bescheidenheid te voelen, waar je die ander zoveel gunt. Hoe vermoeiend en soms pijnlijk de relatief eenvoudige zorg ook is die ik nu met de verpleegkundige bied, onze gast is dankbaar. Ik ontvang deze dankbaarheid met liefde en ik weet dat mijn openstellen daarvoor onze gast een gerust gevoel geeft.

“Fijn dat u nu weer beter ligt, rust maar uit nu”, zeg ik terwijl ik met een knikje en een warme glimlach mijn ogen even toe knijp. Ik wrijf met mijn duim over de oude hand die mij vasthoudt. Een kneepje, en dan een ontspannen zucht. Hij gaat slapen. De verpleegkundige heeft overlegd met zijn dochter en zal familie gaan bellen om hen de kans te geven onze gast in zijn laatste uren bij te staan en afscheid te nemen.



Ik zet een was aan en samen met mijn collega werk ik de afwas bij die de familie van gasten netjes naar de keuken gebracht hebben. De coördinatrice is terug en de familie van de overleden gast drinkt graag een kopje koffie voordat zij met de spullen en de collectebus afscheid nemen van het hospice. Als zij uitgezwaaid zijn en familieleden van onze huidige gasten gearriveerd zijn nemen wij even de tijd voor een boterham. Het is fijn om samen een korte pauze te nemen. Voor je het weet ben je, vaak met allerlei dingen van het moment, toch continue bezig in deze dienst. Hierna voorzien wij nog wat mensen van iets te eten en drinken en schrijven wij de overdracht. De middagdienst komt alweer zo!
 
Maaike

Witte dâ


De meeste mensen houden er wel van om een stukje te lopen. Zoiets als zondagmiddag een rondje Hatertse Vennen. Máár, dan alleen met mooi weer. Wij hebben twee vrijwilligers die dat wat ruimer zien. Dit voorjaar liepen er twee naar Santiago de Compostella. Cor deed dat vanuit het Portugese Porto en Marjan liep twee keer zo ver: zij startte aan de Frans-Spaanse grens. Inmiddels zijn beide weer terug op het nest en veel ervaringen rijker. Inderdaad, zonder blaren.

In onze tuintjes staan twee schitterende vogelhuizen. Eigenlijk meer formaat vogelpaleis. En ieder jaar strijken er weer bewoners neer om hun kroost op te voeden. Daarna zie je ze niet meer binnenvliegen. Enkele weken lang zijn pa en ma als bezetenen bezig met aanvoeren van voedsel om de hongerige mondjes te vullen. De rest van het jaar zie je ze ontspannen rondscharrelen tussen onze plantjes en kijken wij met weemoed naar foto’s zoals deze hier.



Twee maanden geleden schreef de Wegwijs uitgebreid over het thuis waken door onze vrijwilligers. Dit artikel moet goed gelezen zijn, want we hebben tot vandaag 13 thuiswakencliënten kunnen helpen. We hebben dit jaar een toename gezien in de aanvragen voor het waken overdag. Sowieso is er een toename in de aanvragen voor het thuiswaken, het is heel fijn dat mensen ons nu weten te vinden. Mantelzorgers kunnen worden ontlast en de wens om thuis te sterven kan mede door de thuiswakenvrijwilligers worden ingewilligd. Door de toenemende aanvragen zijn we op zoek naar vrijwilligers die overdag en/of in de nacht willen waken. Zegt het voort! Zegt het voort!

Begin april kwamen een tuinman, een klusmedewerker en een vrijwilligster van Hospice Bijna Thuis uit Druten op bezoek. Onze tuinmannen lieten zien hoe wij onze tuinen ingedeeld en ingericht hebben; anders dan bij ons heeft men in Druten een grote open tuin. Hierna zijn we ook nog langs allerlei kleine zaken in ons gebouw gelopen. Er was veel belangstelling voor onze gordijnen/vitrage, de doorvoer voor een zuurstofslangetje van een gastenkamer naar het zuurstofapparaat op de gang, onze klimaatregeling, keukeninrichting en nog veel meer van die leerzame en interessante details. Afsluitend zijn wij uitgenodigd voor een tegenbezoek om ook van hen te kunnen leren. Zeer gewaardeerd!

Het bestuur VPTZ Wijchen heeft in haar vergadering op 27 mei de jaarrekening en het jaarverslag over 2018 vastgesteld. We kunnen terugkijken op een jaar waarin we voor velen iets hebben kunnen betekenen in de laatste dagen van hun leven. Op www.hospicewijchen.nl onder het kopje organisatie zijn het jaarverslag en de jaarrekening te vinden. 

Het bestuur en de directeur willen een ieder hartelijk bedanken die op welke wijze dan ook heeft bijdragen aan de resultaten van het afgelopen jaar.
 

De oplettende lezer heeft onder twee artikelen nieuwe namen gelezen. En inderdaad is de redactie gedeeltelijk vernieuwd. Marja van Lansbergen heeft drie jaar lang mooie en boeiende artikelen geschreven voor Vier Jaargetijden maar is nu gestopt. We zijn blij dat Maaike Seeger-Kühnen en Margareth Wolff het stokje hebben overgenomen en hebben het volste vertrouwen dat u hun bijdragen zult waarderen.

De redactie bestaat nu uit: Martijne van Asten Laane, Silvester Eltink, Tjitske Huender, Harrie Krebbers, Maaike Seeger-Kühnen en Margareth Wolff.

Harrie 

Thuiswaken; een voorbeeld van een nachtwake


Vanavond is gepland dat ik ga waken. Via de mail heb ik van de coördinatoren een waakrapportage en een planning gekregen. 

Een waken begint voor mij met het afdrukken van de gegevens. Dat doe ik pas de dag voor de start want regelmatig wordt een waken afgelast om diversen reden. Het afdrukken van de waakrapportage is handig omdat ik dan alle belangrijke gegevens van de familie en andere zorgverleners bij de hand heb.

Ter voorbereiding lees ik de waakrapportage en de verslagen over de cliënt, van collega’s die er al geweest zijn, goed door. Het geeft een inkijkje in wat je die avond kunt verwachten.

Nu moet ik zeggen het beeld dat ik me vorm na het lezen nogal eens afwijkt van de werkelijkheid. Een voorbeeldje is dat ik een ernstig benauwde cliënt gezelschap zou houden en me had voorbereid op een nacht met een naar lucht snakkende patiënt. Deze cliënt had echter een goede dag en andere medicatie gekregen. Ze zat gezellig tv te kijken en sliep later als een roos.

Ik ga vooraf bij het adres langs, soms daadwerkelijk zodat ik de route weet. Vandaag bied internet met Streetview me voldoende informatie. De routebeschrijving uit de waakrapportage is wat anders dan het werkelijk zien. 

Verder pak ik mijn 'waaktas' in. Daar gaat alles in waarmee ik die nacht mezelf kan wakker houden of wat ik denk nodig te hebben. Een boek, laptop, e-reader, kleur of knutselspulletjes, haak- of breiwerk. Wat te drinken, een pepermuntje, een plaid, een zaklamp, een opgeladen telefoon en een belletje voor de cliënt. Als laatste gaat daar een trommeltje met ontbijt en drinken in 



In de middag ga ik naar bed en blijf daar een uurtje of drie, wat meestal geen probleem geeft omdat ik lekker slaap. Na de warme maaltijd geniet ik van een rustige avond zonder afspraken. Door deze voorbereidingen kan ik alles loslaten en er helemaal zijn voor de wake.

Ik zorg dat ik op tijd aanwezig ben. Het blijft steeds spannend voor mij om weer binnen te stappen bij een terminale patiënt en de familie. Ik stel me dan ook bescheiden op en tast af hoe de sfeer is. Ik ben me er terdege bewust van dat het ook voor hen spannend is wie er nu weer binnen komt; maak dan een praatje met de cliënt, indien mogelijk en/of met de mantelzorger(s).

Soms heb je een hele nacht niets of weinig te doen omdat iemand al gesedeerd is en soms heb je lange mooie gesprekken. Het maakt op mij altijd weer een grote indruk dat de cliënt zoveel aan je vertelt. En je dus zoveel vertrouwen geeft.
Niet één wake is hetzelfde.

Als de cliënt me niet nodig heeft ga ik rustig zitten en kijk ik de kamer rond meestal zie je een heel leven weergegeven in de spulletjes en de inrichting. Als alles rustig is ga ik vaak breien. Elk half uur zorg ik wel dat ik even polshoogte neem bij de cliënt hoe het gaat. 
Tegen een uur of 5 heb ik vaak een dip dan is een rondje lopen door de kamer of een frisse neus op het balkon voor mij de remedie. Hoewel ik de nacht niet veel eet en drink wil ik dan wel een boterham pakken. Ik geniet regelmatig van het ochtendgloren en het zien wakker worden van het dorp. 

Bij voorkeur loop of fiets ik naar huis. De frisse lucht doet me dan altijd goed.
Het klinkt voor veel mensen heel raar, maar als ik naar huis loop voel ik me vaak heel blij en voldaan. Als ik thuiskom na een wake, ga ik douchen. Ik zeg altijd dat ik dan letterlijk en figuurlijk een wake van me afspoel. 

Daarna stuur ik het waakverslag naar de coördinator. Afhankelijk van mijn bevindingen van die nacht, maak ik een afspraak met de coördinator voor een nagesprek. Zaken en ook vragen die belangrijk zijn voor collega-wakers noteer ik en breng ik in op de volgende vrijwilligersavond voor het Thuiswaken ( 1x per maand).

Daarna ga ik naar bed, en val dan onmiddellijk in slaap tot ongeveer twaalf uur. 
Voel me dan goed en kan gewoon verder met waar ik bezig was. 

Martijne

Attent

In deze rubriek geven we aandacht aan acties, schenkingen, publiciteit, etc. die de bedoeling hebben het werk van VPTZ Wijchen te ondersteunen. Een kleine bloemlezing:

In de afgelopen drie maanden is er wel vijf keer een collecte gehouden na afloop van een gedachteviering, afscheidsdienst of uitvaart. En dan te weten dat er zo veel goede doelen zijn die allemaal om onze aandacht vragen. Zo mooi dat ons werk dan niet vergeten wordt.

Ook het behoud van leven wordt gevierd: na het herstel van de zieke partner ontvingen we een schenking van €250! En enkele dagen daarvoor een nog ruimere spontane gift. Zo maar… we weten de reden niet. Geweldig toch!

HOSPICE EN THUISWAKEN WIJCHEN ONTVANGEN MOOIE DONATIE VAN RABOBANK

Op dinsdag 4 juni kregen Rob, Jolette en Tjitske een cheque overhandigd door Martin
Visser (directeur Bedrijven) en Piet Philipsen (ledenraad) van Rabobank Rijk van
Nijmegen. Het was nog even een verrassing welk bedrag er op zou staan.
Rob en Jolette (bestuursleden) hadden een tijdje geleden een aanvraag ingediend voor
het lustrum van Het Hospice en het 30-jarig bestaan van Thuiswaken Wijchen in 2020.
Een speciale lustrumcommissie is al bezig met het uitwerken van allerlei plannen. Wat
er zeker gaat komen is een symposium voor genodigden uit het netwerk en alle
Wijchenaren die belangstelling hebben. Voor dit onderdeel was een donatie gevraagd.
Van 17 t/m 29 mei konden Rabobankleden stemmen op hun favoriete clubs via de
Rabobank Clubkas Campagne. In totaal zijn er 6766 stemmen uitgebracht op 294
clubs/verenigingen/stichtingen die zich hadden aangemeld. Met 819 stemmen op het
Hospice kwamen wij op de bovenste plaats en dat leverde maar liefst € 6.330,87 op! Een
fantastisch resultaat!
Wij willen iedereen bedanken die op ons gestemd heeft! Het is geweldig dat zoveel
mensen ons een warm hart toedragen.



We hebben al eens geschreven over gasten die grotendeels opknappen en dan na enkele maanden, meestal met een mengeling van blijheid en weemoed, ons verlaten. Zo is recent een mevrouw overleden die enkele jaren geleden onze gast was. Na al die tijd zijn we niet vergeten: de gift van de dochter kwam uit een heel ver buitenland, maar bereikte ongeschonden onze penningmeester.

Ons rest enkel dankbaarheid.
Harrie 
 

Gedicht
 


Zoals de zachte nachtgeluiden
Stil komen dwalen in je droom
Raken gedachten je soms aan

Dat moeders ook dood kunnen gaan
Dat vaders wel eens kunnen huilen
En dat je nooit weet wat er komt 

Hoe kun je een gedachte laten zwijgen?
Het zijn net vlinders, hoe kun je vlinders slaan?

Je wilt gewoon dezelfde blijven
En dat er niemand weg zal gaan
024-6414905 info@hospicewijchen.nl Rekeningnummer NL81 RABO 0130 3001 52 tnv. Vrienden van VPTZ Wijchen