alt

Editie HERFST 2019:

  • Voorwoord
  • Middagdienst
  • Avonddienst
  • Witte dâ
  • Thuiswaken: Anekdotes
  • Attent
  • Herfst
 

Nieuws en achtergronden van Thuiswaken en Hospice Wijchen

Redactie: redactie @ hospicewijchen.nl

   
 

Voorwoord 

Deze tijd van het jaar brengt bij mij persoonlijk onvermijdelijk herinneringen naar boven aan het liedje van Gerard Cox. Kent u het? “t is weer voorbij die mooie zomer. Die zomer die begon zowat in mei”. Dagelijks maken onze vrijwilligers in het hospice en bij het thuis waken mee wat de kracht is van herinneringen. We steunen mensen die afscheid nemen van het leven en afscheid nemen van elkaar. Dat is veelal ook een tijd van herinneringen. Wat sterkt het ons dan enorm als we van een familielid van een van onze gasten de volgende reactie krijgen: “De tijd die we in Hospice Wijchen hebben gehad heeft ons leven en dat van mijn vader verrijkt”. Voor deze familie is een verdrietige tijd daarmee ook later een warme herinnering.  Dat we dat kunnen betekenen voor mensen is heel bijzonder en dat maakt het dankbaar werk. In deze editie leest u weer mee met het werk van de vrijwilligers in het hospice en thuis. Een kijkje in wat zij meemaken en hoe een avond of nacht kan verlopen.

In juni hebben we de vrijwilligers bedankt voor hun inzet met een activiteit met een tropisch zomers tintje. In zaal Sterrebosch klonken de klanken van een heuse sambaband. Onze eigen vrijwilligers, die na een middag flink oefenen kwamen tot harmonieuze samenwerking en een samba waarmee ik de optocht in Brazilië wel aandurf. En zo is onze vrijwilligersgroep: een geheel waarbinnen iedereen anders is en zijn eigen bijdrage levert. Een muziekstuk met verschillende tonen en samen een mooi harmonisch geheel dat prachtig is om naar te luisteren en mee te werken. Weet u nog iemand die daar bij past, graag! We kunnen vooral voor Thuiswaken Wijchen nog nieuwe mensen gebruiken. 
Tenslotte danken we ook in deze editie weer gulle gevers en nemen we niet alleen afscheid van de zomer, maar  ook afscheid van één van de verpleegkundigen van het team van de ZZGzorggroep. Het team heeft alweer nieuwe verpleegkundigen weten te vinden, dus de continuïteit is gewaarborgd. We wensen Ruth veel succes in haar verdere loopbaan en hopen dat ze haar warmte en passie voor de terminale zorg weet te behouden.  Want het is prachtig en dankbaar werk.Tjitske Huender
Directeur

Middagdienst: 15.00-19.00 uur

Kwart voor drie loop ik langs het hospice en ja hoor: mevrouw T zit gelukkig weer buiten. Weliswaar in een dikke jas met een sjaal om, maar zo houdt zij het wel vol in dit prille zonnetje. Het is druk in de vrijwilligerskamer: collega U met wie ik deze dienst ga draaien, is er al. Coördinator Jessica Reijnen en directeur Tjitske Huender, die de overdracht deze keer bijwonen, zijn in druk gesprek en de twee collega’s die we gaan aflossen schrijven bijna hijgend de laatste regels van de rapportage. In die tijd kunnen U en ik wel even thee gaan halen om de boel op te vrolijken.En dan begint de overdracht. Alle kamers zijn bezet. Per kamer wordt de status doorgesproken met veel aandacht voor gasten bij wie recent veranderingen zijn opgetreden en wanneer een gast nieuw is voor ons. Vandaag is dat kamer 4. De toestand van mijnheer W is dit etmaal sterk verslechterd. Voor onze gast kunnen we niet veel meer betekenen maar wel voor de familie en vrienden die nu afscheid komen nemen, of er de laatste uren bij willen blijven. Even later zijn collega U en ik alleen en “lopen” we snel door de gastendossiers. Gewapend met al die kennis gaan we aan de slag.In de huiskamer ontmoet ik een deel van de familie van mijnheer W. Enkelen zitten terneergeslagen aan de grote tafel en twee hangen er, druk in de weer met hun telefoontje, op de hoekbank. “Wil iemand een kopje koffie of thee”,  is vaak een effectieve opening om het gesprek op gang te krijgen. Ook nu weer. Ik hoef niet veel te zeggen. Het naderend afscheid doet hen duidelijk pijn: “Het was zo’n goede man. Drie weken geleden stond hij nog boontjes te plukken in zijn moestuin”. Het lijken details, maar het beschrijft zo duidelijk het bijna onvoorstelbare dat hij er dadelijk niet meer is en het daarbij behorende verdriet. Ik hoor welke familieleden de laatste weken dag en nacht zich hebben ingezet en ook dat hij tot gisteren iedereen nog kende en met een glimlach begroette. Maar even later gaat het gesprek over mij… “Vind je het niet moeilijk om hier te werken?” Die vraag is niet nieuw voor mij en ik vertel dat het lukt omdat het voldoening geeft om iets te betekenen voor mensen die het zwaar hebben. Ik weet dat dit niet overtuigend genoeg overkomt, maar deel twee van mijn antwoord wel: “Het is wel moeilijk als ik een gast voor de eerste keer ontmoet die dan jonger blijkt te zijn dan ik.” De bel gaat en dan kan ik een volgend familielid verwelkomen.Ondertussen gaat collega U de kamers langs en neemt de bestellingen op voor het avondeten. Als het mogelijk en gewenst is leidt dat vaak tot een gesprek. Op kamer 1 is mevrouw V ingedut in haar fauteuil, maar haar echtgenoot weet wel waar we haar een plezier mee kunnen doen. “Mag ik vanavond ook mee-eten?” vraagt hij. Vanzelfsprekend. Wel opmerkelijk dat hij precies dezelfde maaltijd kiest… In kamer 4 zitten drie familieleden rondom het bed van de stervende mijnheer W. Het is er stil. Zelfs de TV staat nu op zwart. Zijn dochter houdt zijn hand vast en spreekt af en toe lieve woordjes. Over het avondeten heeft nog niemand nagedacht maar wij hoefden ons daar geen zorgen over te maken. “We gaan straks wel frites of chinees halen.” Prima: dan dekken wij de grote tafel in de huiskamer voor jullie.Mevrouw T van kamer 3 krijgt het nu wel koud buiten. Samen rijden we haar naar binnen om haar op bed te leggen. De kleren mogen aanblijven want het wordt maar een kort dutje voor het eten. ”Wilt u eerst nog even naar de wc?“ Dat blijkt een goed idee te zijn. En inmiddels is Mevrouw T er ook uit wat ze wil eten: “Die witlof met ham en kaas van zondag was zo lekker, is die er nog?” 

Als even later de bel weer gaat ontvangen we verpleegkundige X van de ZZG voor de middagronde. We spreken kort de stand van zaken door en spreken af waar onze assistentie nodig zal zijn. Na de medicijnenronde assisteert collega U bij het op bed verschonen van de stervende mijnheer W. De familieleden zijn in die tijd met zijn allen in de huiskamer. De koffiemachine draait nu even op volle toeren, terwijl ik begin met het voorbereiden van de maaltijd. In mijn ooghoeken zie ik dat de dochter het te kwaad krijgt. Gelukkig wordt ze opgevangen door haar echtgenoot. Vóór de verpleegkundige vertrekt zet ik de “pitten” zachter en bespreken we met haar de aandachtspunten voor de komende uren. Daarna snel de vaatwasser aan, want we zijn bijna door de koffiekopjes heen. Half zes kijkt het echtpaar V glimlachend toe hoe wij een geurende maaltijd serveren. Mijnheer V heeft al twee kleine glaasjes rode wijn klaar staan…. mevrouw T van kamer 3 schrikt wakker als we binnen komen: “Is het al zó laat.” Even de haren rechtstrijken en we helpen haar op de stoel aan het tafeltje. “O wat lekker. Heerlijk!” Ze zal misschien drie hapjes eten. We gooien wat weg hier. Maar dat geeft niets.
 
In de huiskamer zit de familie aan de frietjes. De sfeer ontspant zich. Anekdotes uit het rijke leven van mijnheer W ontlokken zelfs een voorzichtige lach. Prima zo. De moeilijke uren en dagen komen toch wel. Collega U gaat nog even bij mevrouw T zitten, het wordt anders te stil voor haar. Gelukkig verwacht zij zo dadelijk nog wat bezoek. Als ik de tafels afruim komt collega U aanrennen: “Het is al half zeven! We moeten aan de rapportage beginnen.” Dat wordt opschieten voordat we worden afgelost.Als we beide om tien over zeven naar buiten lopen kijken we elkaar nog eens aan. “Het was goed zo.” Ondertussen heb ik wel honger gekregen. Wat zou er thuis klaar staan?Harrie

Avonddienst: 19.00-23.00 uur

Het is alweer een tijdje geleden dat ik een avonddienst heb gewerkt. Ik parkeer mijn fiets onder het afdak en word hartelijk ontvangen door twee dienstdoende collega vrijwilligers. Degene met wie ik zal werken komt ook net aan en samen starten we met een kopje thee de overdracht. Mevrouw V van kamer 1 heeft haar man op visite en wil daarna vroeg naar bed. Mevrouw K van kamer 2 heeft vandaag de verjaardag van haar dochter gevierd met een ‘etentje’, samen met haar dochter en schoonzoon op haar kamer. Omdat zij hierna erg moe was, ligt zij nu heerlijk te slapen. Zij wilde eigenlijk graag naar de harpmuziek luisteren die vanavond live gespeeld wordt. Wij zullen zien of dat misschien toch (deels) haalbaar is. Mevrouw T van kamer 3 heeft net gegeten. Zij geniet nu van een kopje thee bij haar televisie. Mijnheer W van kamer 4 is inmiddels gesedeerd (in slaap gebracht met medicatie) en na het familiebezoek van vandaag waken zijn dochters nu om beurten bij hem. Zij zijn sterk, maar hebben het moeilijk en zij vinden het fijn als wij af en toe een praatje komen maken of samen een tijdje bij mijnheer waken. Dat doen wij graag. Onze collega’s vertellen nog dat er een klein wasje opgehangen moet worden en dat de vaatwasser vreemd doet; hij pompt het water niet meer weg. Zij hebben het grootste deel van de vaat al handmatig afgewassen en de monteur ingeseind. We bedanken de collega’s voor hun inzet en overdracht en wensen hen een fijne avond. De dochter van mijnheer W van kamer 4 steekt al gauw haar hoofd om het hoekje. Zij vraagt zich af of haar vader pijn heeft, omdat hij soms wat geluid lijkt te maken als hij adem haalt. Ik ga even met haar kijken en luisteren. Ik hoor niets verontrustends, maar besluit ter geruststelling van de dochter de ZZG-verpleegkundige te vragen om snel even te komen. Zij kan vanuit medisch perspectief oordelen en uitleg geven. Ze komt meteen en de dochter is opgelucht. Zij durft even een kopje koffie te drinken in de huiskamer met mijn collega terwijl ik bij haar vader plaatsneem. Soms is het zo fijn voor dierbaren even wat afstand te nemen en te kunnen vertellen wat je bezighoudt…

Als de ZZG-verpleegkundige komt laten wij hen even alleen. Mevrouw V van kamer 1 vraagt nog een half glaasje sap en als zij dat op heeft zal haar man vertrekken. Mijn collega steekt even haar hoofd om de hoek en vertelt dat onze harpist net gearriveerd is. Wil mevrouw naar de muziek luisteren? Ja, zij kiest ervoor haar kamerdeur nu open te laten in plaats van dicht. Haar man komt even kijken hoe de harpist zijn instrument installeert en zachtjes aan begint te verkennen welke muziek hij dit moment het meest passend vindt. Hij is zelf ook vaak verrast door hoe de sfeer in huis via de harp vertaald wordt naar een melodie of klank. In mijn ervaring is dat elke keer weer prachtig en goed afgestemd op de behoefte van onze gasten en onszelf. We hangen de was op, doen de tuinstoelkussens vast naar binnen waar dat kan en doen een afwasje. We legen prullenbakjes en vullen de verzorgingsproducten op de kamers aan. Ook hangen wij  de foto’s van de medewerkers van de volgende dag op, zodat iedereen in de hal op het bord kan zien wie die dag op welk tijdstip aanwezig is.Mevrouw V van kamer 1 is intussen, luisterend naar de harpmuziek, in slaap gevallen en haar man is gegaan. Mevrouw K van kamer 2 is na toiletbezoek meteen weer in slaap gevallen. Zij heeft nog wel glimlachend de klanken van de harp gehoord. Bij mevrouw T van kamer 3 komt de ZZG-verpleegkundige zo om haar met éen van ons te verzorgen en in bed te helpen. Haar man is op bezoek en maakt na het roken van een sigaretje op ons terras even een babbeltje met mij. Hij leeft mee met de dochters van mijnheer W op kamer 4 omdat hij de kaarsen heeft zien branden bij zijn slaapkamerdeur…teken dat het overlijden nabij is. Mensen leren elkaar bij het koffiezetapparaat kennen in een emotionele tijd. Zij zijn vaak erg begaan met elkaar. Ons praatje sluiten we af met de gedachte dat hij voor nu blij is zijn vrouw vanavond in elk geval nog met een dikke pakkerd kan instoppen voor zo lang hen dat nog gegeven is.Mijn collega vraagt mij even mee te komen kijken bij mijnheer W op kamer 4. Zijn ademhaling lijkt nu toch echt te veranderen en wij denken dat het niet lang meer zal duren voordat hij zal overlijden. Ik blijf samen met de dochter een tijd bij hem zitten. Soms hoef je niet veel te zeggen om je met een ander te kunnen verbinden. Na een tijdje wordt het haar wat veel en besluit zij toch haar zus te bellen om te komen. Ik blijf bij mijnheer terwijl mijn collega met de ZZG-verpleegkundige mevrouw T van kamer 3 naar bed helpt en haar man gedag zegt.

Tijdens het waken in de laatste fase heb je weleens vaker momenten waarop je je afvraagt of iemand nog wel doorademt. Heel geregeld is dat dan toch wel zo. Juist als ik mij op dit moment afvraag of mijnheer nog wel een keer zal inademen, komt mijn collega om de hoek kijken. Ik kijk op naar haar, hoor een zachte “Pffff” en zie dat dat zijn laatste adem was. Net nu zijn dochter weg is. Mijn collega en ik zijn er door geroerd. Deze vader heeft zijn eigen moment gekozen om los te kunnen laten, zo voelt het althans. Ik leg mijn hand even op zijn hand en loop dan naar de tuin, waar zijn dochter nog aan de telefoon zit. Als zij mij ziet en wij elkaar in de ogen kijken is een medelevende knik genoeg voor haar om te weten dat het zover is. Rustig, maar emotioneel ontvangt zij de boodschap en zij geeft mij de telefoon om haar zus het bericht mede te delen, omdat zij dat zelf niet kan. Ik sla mijn arm om de  verdrietige dochter en begeleid haar naar haar vader. Ook de andere dochter arriveert. En kort daarna belt de nachtverpleegkundige al aan. We laten de verpleegkundigen samen met vader en dochters en proberen de laatste taken die zijn blijven liggen goed op papier te zetten voor de ochtenddienst. 
Het is belangrijk om deze avond samen met de verpleegkundigen en de dochters af te sluiten op een manier die voor ieder goed voelt.De dochters vinden het fijn dat de verpleegkundigen mijnheer W nu nog verzorgen en dat de uitgeleide (het overbrengen naar het mortuarium in dit geval) morgenochtend zal plaatsvinden. Zij voelen in een roes hun vermoeidheid en gaan samen naar huis, nadat zij hun vader gedag hebben gezegd. Wij spreken de avond door met de verpleegkundigen en voelen dat het goed is, omdat we gedaan hebben wat wij konden en de dochters zich gesteund hebben gevoeld. Het maakt dat ik thuis, na een glaasje drinken en kort verhaal doen aan mijn man, toch goed kan loslaten wat ik samen met al deze mensen heb beleefd vandaag. Ik realiseer mij dat het niet vanzelfsprekend is dat er morgen weer een nieuwe dag zal zijn. Maaike

Witte dâ

De Meestal hoor je wel ergens muziek in ons gebouw. Zeker in de huiskamer en vaak op de kamers van onze bewoners. Meestal staan we er niet eens bij stil. Maar één keer per week wel! Dan zit Berry Cloosterman heel rustig in de gang en speelt harp. U kent u dat geluid en beseft meteen dat het geen meezingers worden. Wel een streling aan je oor en een weldadige rust die de ruimte vult. Zelf voel ik er soms een aangename vorm van melancholie bij. Verdrietig? Nee nooit. En van iedereen hoor ik tevreden geluiden: “Nooit gedacht dat ik harp zo mooi zou vinden” vertelde iemand mij.
Berry is ooit begonnen met piano en later kwamen de dwarsfluit en de harp in zijn leven. Hij speelt zonder bladmuziek en dus vroeg ik hem of hij improviseerde: “Ja, maar vaak met een knipoog naar bestaande muziek.”

Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft in juni een nieuwe website gelanceerd met als onderwerp de palliatieve zorg. Deze website wil antwoorden geven op de vragen die ontstaan bij iedereen die er mee te maken krijgt. En dat zijn héél veel vragen. Ik begin er niet eens aan om voorbeelden te geven en stuur u meteen door naar de website: www.overpalliatievezorg.nl. Gewoon eens kijken, nu meteen bijvoorbeeld. Dan wordt het ook niet vergeten.Regelmatig volgen we cursussen en krijgen we bijscholing. In mei en augustus kwam Gijs Gommers van de brandweer onze kennis opkrikken. We blijken een zeer modern gebouw te hebben, ingedeeld in compartimenten om uitbreiding van eventuele brand af te remmen en een alarmsysteem dat rechtstreeks verbonden is met de brandweer. Gaat het alarm af, dan staat de brandweer binnen 8 minuten op de stoep. Wat wij van Gijs geleerd hebben is wat wij in die 8 minuten kunnen doen én wat we zeker NIET moeten doen. De belangrijkste boodschappen die we meekregen: deuren dicht en dat rook tijdens die eerste 8 minuten onze grootste vijand is.

In juni was het jaarlijkse “uitje” voor alle vrijwilligers. “We trommelen jullie op bij Zaal Sterrebosch” stond in de uitnodiging geschreven. En dat hadden we letterlijk moeten opvatten: Wij zijn daar hartelijk ontvangen en hebben een trommel workshop voorgeschoteld gekregen. Voor iedereen was er wel een instrument waar we vakkundig een muziekstuk mee hebben ingestudeerd. Een heel ontspannen activiteit en een hoop herrie om een grote gevarieerde groep actief te vermaken.Onze trek werd gestild met een overheerlijk en goed verzorgd diner. Complimenten ook voor het met aandacht en originaliteit aanpassen van de maaltijden voor de vegetariërs!Met dank aan De Uitjescommissie 2019. Te weten Edith, Thea en Carla.

In de maand juli was het wat stil in het hospice. Af en toe was er geen gast en dan weer één. Maar terugkijkend op de afgelopen drie maanden zien we dat toch niet terug in de cijfers. In het hospice hebben we het eerste half jaar hetzelfde aantal gasten mogen ontvangen als vorig jaar. Bij Thuiswaken is er een enorme groei in het aantal uren dat onze vrijwilligers bij de cliënten waken, De inzet overdag wordt veel gevraagd. En het aantal cliënten is nu al evenveel als heel vorig jaar.    Harrie

Thuiswaken; anekdotes

In deze nieuwsbrief plaatsen we twee stukjes die gaan over gebeurtenissen die indruk maken tijdens een thuiswaken. 
Wie over het waken wat meer wil zien en horen verwijs ik graag naar de website van de VPTZ via deze link: https://youtu.be/nULEGhDGd6U; waar een uitgebreid interview staat met verschillende wakers en aspecten van het thuiswaken.
Nachtelijk bezoekHet was een hele warme zomernacht toen ik ging waken bij een meneer. Hij had een aanbouw aan zijn huis en daar lag meneer in een hoog/laag bed. De achterdeuren stonden open maar het was toch nog heel warm daarbinnen toen ik om 22.45 uur daar aankwam. Nadat ik had kennisgemaakt en even met hem gepraat te hebben ging hij slapen. Omdat het zo warm was binnen liep ik even naar buiten.
 
Op het terras dicht bij het huis stond een tuinset. Mooi dacht ik, daar ga ik vannacht zitten om de nacht door te brengen. Meneer kon ik goed zien en horen vanaf die plaats. Er brandde een lampje bij meneer. Dat was geen probleem. Ik had een lampje op batterijen bij me in mijn waaktas, waar ik altijd van alles in stop dat ik denk nodig te hebben in mijn waaknacht. Het lampje installeerde ik op de tafel zodat ik kon handwerken.

Het was een mooie dichtbegroeide tuin waar ik me wel veilig voelde die nacht. De nacht verliep rustig en halverwege die nacht dacht ik nog bij mezelf: Nou ik zit toch maar midden in de nacht buiten en als er nu eens iemand kwaad wil? 
Ach, dacht ik, dat moet wel heel toevallig zijn, niemand kan mij hier zien zitten. Totdat er opeens achter mij in de struiken een enorm geritsel en beweging was.
Ik schrok heel erg. Totdat ik de dader achter mij zag toen ik mij omdraaide. Uit de struiken kwam een enorm grote egel aan wandelen.Gastschrijfster Corry Moors

Geluiden in de nacht

De aanvraag voor de wake die ik mocht gaan invullen betrof een zeer benauwde mevrouw. In de waakrapportage stond: na een recente griep gaat het nu gestaag en snel bergafwaarts. Zij houdt vocht vast in haar longen en voeten waardoor zij heel kortademig is en  slecht loopt. Er staat géén bed in de woonkamer, ze zal waarschijnlijk  niet in bed liggen ’s nachts i.v.m. de kortademigheid. Zij hangt in haar stoel en dommelt weg. Wanneer de kortademigheid te erg wordt, wordt zij onrustig en gaat zij door de kamer lopen.Het was de eerste nacht dat er bij haar iemand ingezet werd en gezien de waakrapportage dacht ik bij mezelf dat het wel eens een korte wake en een zware nacht zou kunnen worden. Iemand bijstaan, die ernstig benauwd is geen makkelijke opdracht. Toen ik binnenkwam door de achterdeur,  zoals afgesproken,  zag ik twee dames  geanimeerd naar de TV kijken en werd ik hartelijk welkom geheten. Ik vroeg me even af of ik wel in het juiste huis was omdat ik geen ernstig benauwde dame zag. Er werd verteld dat er nieuwe medicatie was voorgeschreven die middag waarop mevrouw duidelijk zeer goed op reageerde. Ze ging vannacht lekker in haar eigen bed slapen. Nadat mevrouw haar medicatie had gehad ging de buurvrouw naar huis en mevrouw ging geheel zelfstandig naar bed.Mevrouw sliep snel en ik ging regelmatig kijken hoe het haar verging. Halverwege de nacht sprong ik op omdat ik plots een rochelende ademhaling dacht te horen. Met de waakrapportage in mijn achterhoofd dacht ik dat mevrouw haar einde naderde.  Bij mevrouw aangekomen leek er niets aan de hand: ze kreunde in haar slaap, maar er was niets om me ongerust over te maken.Een uurtje later hoorde ik hetzelfde geluid. Weer schrok ik  maar mevrouw lag nog immer rustig te slapen. Wat bleek ….het was de oude koel-vriescombinatie die aansloeg en het geluid van een rochelende oude dame produceerde in de stilte van de nacht. Martijne

Attent

De Stichting Roparun heeft, ook met de zwemactie van Maarten van der Weijden, prachtig veel geld bij elkaar gehaald. Hiervan kopen zij onder andere koppelbedden voor hospices. Wij hebben het bericht gekregen dat we één van de gelukkigen zijn die er één krijgen. We kijken reikhalzend uit naar dat prachtige speciale bed waarmee we van een één persoonsbed een echt tweepersoonsbed kunnen maken. In de tussentijd zijn onze vrijwilligers uiterst creatief. Samen met het bed van een lege kamer maakten ze het mogelijk dat na lange tijd in het ziekenhuis, dhr. en mevrouw heerlijk samen konden zijn.

In de huiskamer van het Hospice staat sinds vrijdag 30 augustus een prachtige boekenserie “Het aanzien van..... “. De serie is compleet van 1920 t/m 2007. In de jaren daarna zijn er boekjes “Het afzien” gekocht. Deze boeken zijn door een gulle geefster uit Wijchen in ons bezit gekomen. Dat heeft te maken met de ziekte van de echtgenoot van de schenkster. Ook in het afgelopen kwartaal werden we weer verrast met spontane giften. Vier families zorgden voor een totaalbedrag van €950. Soms worden we er stil van. Harrie 
 

Herfst

Na de bloei volgt dan de oogst
voer voor lichaam, ziel en geest
prachtig goudoranje kleuren
afscheid van wat is geweestMet de oogst ook nieuwe zaden
rustend tot de juiste tijd
binnen branden nieuwe haarden
van storm en ballast nu bevrijdDus bij de warmte en de rust
gevoed door wat de zomer bracht
ontdaan van wat niet nodig is
geeft herfst een warme zachte kracht

Paula van Ginkel
13-10-2017

 

024-6414905 info@hospicewijchen.nl Rekeningnummer NL81 RABO 0130 3001 52 tnv. Vrienden van VPTZ Wijchen